Bacteriële vaginose: geur, afscheiding en behandeling
Bij bacteriële vaginose verandert de verhouding tussen bacteriën in de vagina. Je kunt meer dunne, grijswitte afscheiding krijgen met een sterke, soms visachtige geur. Sommige mensen merken niets. Het is een veelvoorkomende aandoening waarvoor behandeling mogelijk is.
Wat verandert er in de vagina?
Een vagina is niet bacterievrij. Verschillende bacteriën leven er normaal naast elkaar. Bij bacteriële vaginose nemen bepaalde soorten toe, terwijl melkzuurbacteriën afnemen. Dat evenwicht kan door verschillende omstandigheden veranderen; het betekent niet dat je onvoldoende schoon bent.
Juist extra wassen met zeep of inwendige spoelingen kan irriteren. De uitleg van Thuisarts over vaginose beschrijft dit verschil tussen normale bacteriën en een veranderd evenwicht.
Hoe verschilt het van schimmel?
Bij vaginose valt vaak vooral de geur op. De afscheiding kan dunner en grijzer zijn dan gewoonlijk. Bij een vaginale schimmelinfectie staat juist vaak jeuk of branderigheid op de voorgrond, soms met brokkelige witte afscheiding.
Dat onderscheid helpt om klachten te beschrijven, maar is geen zelftest. Pijn of jeuk sluit vaginose niet automatisch uit, en er kan meer dan één oorzaak meespelen. De informatie over vaginale schimmel laat zien waarom een schimmelmiddel niet bij iedere verandering in afscheiding past.
Is het een soa of een teken van ontrouw?
Bacteriële vaginose wordt niet als een klassieke soa ingedeeld. Seksuele activiteit kan wel een rol spelen bij het ontstaan of terugkomen ervan. De klachten zeggen dus niet dat jij of je partner ontrouw is geweest. Vaginose kan ook voorkomen zonder seksuele activiteit.
Heb je daarnaast kans op een soa gelopen, bespreek dan apart of testen nodig is. Een diagnose vaginose sluit een soa niet uit. De NHS uitleg over vaginose bespreekt zowel de relatie met seks als onderzoek naar andere infecties.
Wat kan de huisarts doen?
De huisarts vraagt naar geur, afscheiding, pijn en eerdere episodes. Zo nodig volgt onderzoek of wordt wat vocht met een wattenstaafje afgenomen. Een pH meting kan onderdeel zijn van de beoordeling, maar stelt op zichzelf geen diagnose. Dat wordt uitgelegd in de CDC richtlijn over vaginale klachten.
Als vaginose is vastgesteld, kun je samen bespreken of afwachten of behandelen passend is. Bij hinderlijke klachten kan een antibioticum worden voorgeschreven, als tablet of plaatselijke behandeling. Volg het voorgeschreven gebruik; gebruik geen overgebleven antibiotica van een eerdere klacht.
Als het terugkomt
Vaginose kan ook na behandeling terugkeren. Neem opnieuw contact op als klachten blijven of geregeld terugkomen. Vertel wat eerder hielp en of je een verband merkt met seks of je menstruatie. Een voorbeeld: ‘De geur verdween na de behandeling, maar kwam twee weken later terug.’ De arts kan beoordelen of opnieuw onderzoek of een andere aanpak nodig is.
Probeer de geur niet te bedekken met vaginale deodorant. Was alleen de buitenkant met lauw water en spoel de vagina niet vanbinnen.
Wanneer bel je?
Maak een afspraak bij nieuwe of hinderlijke klachten, of als vastgestelde vaginose na twee weken niet verbetert. Bel dezelfde dag bij vaginale klachten samen met buikpijn of koorts. Ben je zwanger en verandert je afscheiding, bespreek dat met je huisarts of verloskundige. Vaginose kan tijdens zwangerschap extra aandacht vragen; de meeste zwangerschappen verlopen zonder problemen hierdoor.