Niet gecategoriseerd

Anticonceptiepleister: gebruik, wisselen en aandachtspunten

De anticonceptiepleister voorkomt zwangerschap met twee hormonen die via je huid in je bloed komen. Je vervangt hem wekelijks. Dat scheelt dagelijks een pil slikken, maar vraagt wel een vaste wisseldag en een korte dagelijkse controle of de pleister nog goed vastzit.

Hoe werkt de pleister?

De hormonen remmen de eisprong en maken het slijm in de baarmoederhals minder doorgankelijk voor zaadcellen. Een anticonceptiepleister beschermt niet tegen soa’s. Daarvoor kun je aanvullend condooms gebruiken.

De pleister is een middel op recept. Bespreek vooraf je gezondheid en andere medicijnen. Een hormoonpleister tegen overgangsklachten is iets anders dan een anticonceptiepleister; gebruik die niet als vervanging.

Een vaste dag, drie weken achter elkaar

Bij het gebruikelijke schema draag je drie weken achter elkaar een pleister, gevolgd door zeven dagen zonder. Daarna begint de volgende cyclus. Het schema ziet er zo uit:

Moment Wat doe je?
Dag 1 Eerste pleister aanbrengen.
Dag 8 Oude pleister verwijderen en een nieuwe aanbrengen.
Dag 15 Opnieuw vervangen.
Dag 22 Pleister verwijderen voor de afgesproken pauze.
Zeven dagen later Nieuwe cyclus beginnen.

In de pauze kan een bloeding komen. Wacht niet tot die voorbij is om opnieuw te beginnen. Noteer bijvoorbeeld ‘zondag pleister wisselen’ en zet apart een herinnering voor het begin na de pauze. Spreek bij de eerste start of overstap af vanaf wanneer je beschermd bent en of tijdelijk condooms nodig zijn.

Goed plakken en controleren

Kies schone, droge en onbeschadigde huid, bijvoorbeeld op je buik, bil of buitenkant van je bovenarm. Plak niet op je borsten. Gebruik op die plek geen crème, lotion of poeder. Druk de pleister stevig aan en wissel bij een nieuwe pleister van plek om irritatie te beperken.

Kijk dagelijks even of ook de randen nog vastzitten. Een vast moment, zoals aankleden, maakt die controle makkelijker. Bewaar reservepleisters waar je ze kunt vinden; op reis is het prettig vooraf te weten welke dag je moet wisselen.

Losgelaten of te laat gewisseld?

Een losse pleister en een vergeten wissel zijn verschillende situaties. De juiste stap hangt af van hoe lang het duurde en in welke week je zit. Kijk direct in de bijsluiter of bel de apotheek. Plak een slecht klevende pleister niet met tape of verband vast.

Weet je niet hoelang hij los was? Ga er niet vanuit dat de bescherming nog voldoende is. Vraag meteen advies en gebruik voorlopig condooms. Vertel ook wanneer je voor het laatst seks had waarbij je zwanger kunt worden. Soms is noodanticonceptie nodig; wacht daarmee niet op een bloeding. De NHS beschrijft waarom het moment in je schema hierbij uitmaakt.

Bijwerkingen en medische aandachtspunten

Je kunt last krijgen van huidirritatie, hoofdpijn, gevoelige borsten, stemmingsveranderingen of tussentijds bloedverlies. Bespreek klachten die je hinderen of aanhouden. Je hoeft niet te wachten tot een geplande controle als je je niet goed voelt.

De pleister bevat oestrogeen en is niet voor iedereen geschikt. Eerdere trombose, migraine met aura, roken vanaf 35 jaar en andere medicijnen zijn belangrijke gesprekspunten. Ook je gewicht kan meespelen bij de keuze. Thuisarts geeft uitleg over de pleister.

Zoek met spoed medische hulp bij plotselinge onverklaarde benauwdheid, pijn op de borst of een pijnlijk gezwollen been. Vertel dat je de pleister gebruikt. Meer informatie over bijwerkingen en wisselwerkingen staat bij Apotheek.nl.